Zeekraai

“Believe me, my young friend, there is nothing – absolutely nothing – half so much worth doing as simply messing about in boats.” ― Kenneth Grahame, The Wind in the Willows

Hoorn – Almere

Rond 10 uur sluip ik alleen de haven van Hoorn uit. Buiten gaan de lappen omhoog en dan is het badderen. Met moeite loop ik één knoop. Soms twee. De korte broek kan aan. Koffie, lezen, navigeren en waterplanten houden me bezig. Dan draait de wind wat en kan ik nergens meer in de zon zitten. Het schiet niet erg op en net als ik besluit dan maar Edam aan te lopen neemt de wind wat toe en ruimt. Ik zet zelfs de halfwinder nog even, zodat we nog even 5.5/6 knoop doen. Bij de aanloopton BvK strijk ik ‘m weer, dit keer in de wind. Toch blijft het ’n gehannes in je eentje. Twee lijnen opvoeren zonder deze in de knoop te laten komen met de lifeline én het doek droog binnenhalen… Enfin, het lukt en da’s maar goed ook, want inmiddels lopen we zónder ook al 5½ à 6 knoop. Vlak voor de kust/haven loopt de vaargeul Lelystad – Amsterdam en ik start maar vast de motor, om een aak voor te blijven. Een duwbak blijft echter steeds op me aansturen. Hij blijkt ook de haven in te moeten. Uiteindelijk draai ik net voor ‘m de haven in. Direct bakboord uit, in de wind om (zeer slordig) te strijken. Er staat nog ’n beste zwel in de ‘buitenhaven’. Uitgerekend met het klaarhangen van willen en touwwerk krijgt de stuurautomaat kuren. Dan maar weer het vertrouwde lijntje..
In de haven van ‘de Blocq van Kuffeler’ krijg ik van de vriendelijke havenmeesteres een mooi plekje in een hoekje. De zwaluwen huizen hier ónder de steigers. Én… er kan gezwommen worden. Na de (boord)maaltijd fiets ik met een rijwiel van de WSV een rondje rond de Lepelaarplassen. Ik zie veel eenden (zowat alle bekende soorten), zilverreigers en aalscholvers, maar geen lepelaars. Maar wél een zeearend ! Traag en groots vliegt ‘ie voor me langs, over het fietspad.

luchtfoto-lepelaarplassen-web   1-IMG_3634

Enkhuizen – Hoorn

’s Nachts zitten we twee keer bij de livestream op de tablet naar de 100 m van Dafne Schippers te kijken. Eerst de series (of halve finale ?) waarin ze tweede wordt. En om half vier de finale, waarin ze een mooie vijfde plek behaald.
Om een uur of elf (na uitgebreid ontbijt met verse broodjes en ochtendkrant) gaan we richting Naviduct. We kunnen vrijwel direct door en gaan op Hoorn aan. In het begin is er weinig wind en zetten we de halfwinder. Later trekt de wind wat aan (vooral in buien) en is het zelfs nog even worstelen om ‘m weg te krijgen. Het is een mooi tochtje, zo vlak onder de kust bij Wijdenes door en om half drie zijn we al in de Vluchthaven van WSV Hoorn… Later die middag eten we salade in de kuip en slenteren door het stadje. Er is kermis en het lijkt allemaal wat slonzig, vergeleken met Enkhuizen. We drinken ’n kop koffie bij Elly en dan gaat Marchien met haar moeder onze oudste dochter van Schiphol halen.
Met sigaar en borrel kan ik nog lang genieten van het gegil van de kermis.

20160815_100617-1   20160814_193319-1

Starum – Enkhuizen

Na bezoek aan COOP en toiletgebouw gaan we ’s ochtends direct maar door de sluis, waar het nu nog redelijk rustig is. Maar de daarvoor uitgestelde ontbijt en koffie wordt nog ’n hele heisa. Er staat een pittige wind buiten en voor Stavoren staat zoals altijd een naar zeetje… en natuurlijk is het áán de wind. Het brengt ons wel rap voor Enkhuizen. In krap twee uur tijd zijn we in de Compagniehaven. Tijd voor vakantie-dingen: kibbeling eten, slenteren en borrelen bij het Ankertje. Ook lopen we de hele vesting rond. ’s Avonds eten we een hapje met Berry en worden door wat regen alsnog van het terras gejaagd. Enkhuizen blijft toch een leuk plaatsje, met al die scheepjes en gezelligheid.

Twellegea – Starum

Na dagen regen is het vrijdag, op wat miezer na, veelal droog. We varen van huis naar Stavoren. Het kanaal bezeild, de Jeltesloot niet, maar de Nauwe Wimmerts naar Woudsend dan weer wel. We gaan tot ergernis van de brugwachter twee keer door de brug, op zoek naar ’n ligplaatsje. Er blijkt een nieuw haventje, al is het niet zo diep. We maken ’n slag door het dorp, lunchen en zetten een rifje. Dan gaat het, hoog aan de wind, het Heegermeer en de Fluessen over. ’n Paar keer moeten we een slagje maken en bij de Kuilart gaat de brommer aan. De Morra is nog motorsailen, maar daarna is het over en motoren we verder naar Stavoren. Niks geen rust hier (we gingen expres niet via Lemmer, omdat het daar feest was) want alle IFKS skûtsjes zijn hier voor de wedstrijden van morgen. We schuiven de eerste beste lege box in en Marchien krijgt gelijk ’n appje van haar collega, die precies aan de overkant ligt. Dus borrelen we eerst aan boord van de Breewijd 31 van Peter en Josina. Hun zoon zet ons over met de rubberboot.
’s Avonds eten we bij café Max.

14067566_1169208569789545_8531597903305390169_n   13620174_1169208619789540_3270116747472307686_n

Twellegea…

’s Morgens eerst ’n douche onder 3 druppels water :-/ het is duidelijk al te druk, voor de Hindelooper waterdruk. Om een uur of half elf haal ik Marchien van het kleine station. Onderweg gaan de roeiskifs van de elfstedenroeitocht onder de brug door. Terug aan boord, is er ook weer ruimte om (op de fok) de haven te verlaten. Met de oostzuidoosten wind gaan we eerst weer op Stavoren aan. Met ’n beetje geluk, zijn de Fluesen en Heegermeer bezeild. Bij Workum naar binnen gaan zou betekenen, dat we het hele stuk tot aan het Heegermeer zouden moeten motoren. Het is prachtig zeilweer en we zijn al rap bij de sluis. In de voorhaven strijken we de zeilen en kunnen gelijk door in de nieuwe sluis. Daarna is het inderdaad bezeild tot aan de brug van Uitwellingerga, al is het af en toe even knijpen. Het is best druk, bijvoorbeeld bij de (smalle) passage bij Galamadammen. Maar het is ook wel weer gezellig varen, met z’n tweetjes aan boord. Voor de brug bij Uitwellingerga is het 20 minuten wachten. Nu de brug panne heeft (zie eerder) draait ‘ie nog slechts twee keer per uur. Op de fok doen we het laatste stukje naar huis…

20160506_212631

Hylpen…

Een onrustige nacht. De tjalk die voor mij als golfbreker fungeerde, verlaat als het gaat schemeren de haven. Dus slaap ik slecht, in de weer met lijnen, luisterend naar geklots en geruk in de touwen. Wat ik me voor de volgende keer ‘de Kreupel’ toch weer voorneem, is lekker voor (hek)anker te gaan. Wie doet je wat ? Ligt ’n stuk rustiger…
Wanneer ik nl. na het ontbijt op m’n gemak de zeilen hijs en de boot klaarmaak voor vertrek, slechts aan één boeglijn, liggen we best wel rustig.
Op het grootzeil verlaat ik de haven. En tussen de pieren gaat de fok erbij. Het is net wat ruimer dan aan de wind. We lopen zo’n 5 knopen en ik probeer de autohelm. Dat had ik nog niet eerder gedaan, omdat ik wat onzeker was over het stroomverbruik. Na wat gedruk op knopjes houdt ‘ie ons prima op koers. Koffie !
Hoe dichter ik bij Stavoren kom, hoe meer ik de boot laat vallen. De hoogte was voor het geval de wind, zoals voorspeld, naar het oosten zou draaien. Iets dat ‘ie wat later ook doet. De autohelm zorgt ervoor, dat er gewoon genavigeerd kan worden. ’n Plas kan worden gedaan. En dat ik op m’n gemak fenders en lijnen klaar kan leggen voor de haven van Hindeloopen. Waar we al vrij rap zijn. Ik vaar een rondje door de haven. Als de dames van een Fischer (motorzeiler, red.) het eerste dokje aan de haveningang verlaten én het bordje ook nog ’s groen is, kan ik m’n geluk niet op. Ik schuif de Zeekraai rap op de beste plek van de haven. De havenmeester gooit echter roet in het eten. Hij was nét onderweg het bordje op rood te draaien. Maar de, overigens meer dan vriendelijke, man heeft nog wel ’n mooi plekkie voor me. En zo lig ik even later in het uiterste hoekje van de Oude Haven. Later op de dag volledig ingebouwd, maar met niemand langszij. Wanneer ik helemaal ingepakt ben, is het tijd om te passagieren. Het brengt me o.a. in het rariteitenkabinet van de Hindelooper Markt, een boerderij vol tweedehands spul en curiosa. Terug bij de boot vervang ik de dek-lijn door een dek-lint, dat hier bij de werf in de aanbieding is. En ledig 1½ fles witte wijn met de achterburen, met wie het leuk praten is.

13124778_1102423029801433_5063653593394927810_n   13177795_1102423066468096_4056570426919414800_n

de Kreupel…

Wanneer ik de volgende ochtend terugloop van het douchegebouwtje staat op de kade bij de Oude Haven, een jongetje van ’n jaar of acht met koffie met stroopwafels. Hij spaart voor ’n nieuwe skelter… Handig. Om ’n uur of half tien ga ik op de zeilen de haven uit. Buiten de pieren is het toch weer wilder dan je in de haven kunt inschatten. Dus onder stevige helling zeilbroek, jas en zwemvest aan gewurmd. Er staat ’n korte golfslag die maakt dat er eigenlijk enkel met de hand gestuurd kan worden. Maar af en toe moet het touwtje het toch echt even overnemen, wanneer er genavigeerd moet worden. En het is toch weer (hoger) aan de wind (dan gedacht). In eerste instantie volg ik de buren van vannacht, die met hun Waarschip 1020 naar Edam zouden. Maar na ’n tijdje heb ik door dat ze west van de Kreupel aansturen. Dus verlies ik zo wat hoogte. Toch blijft ’t eiland bezeild, maar… wat zie je die verrekte vogelplaat toch altijd laat. Kunnen ze er niet ’n (vuur)torentje op zetten ? Als de contouren en de vogeluitkijk te zien zijn, zie je eigenlijk ook alle boeien (geel) en kardinalen aan de zuidoostkant al. Vlak voor de haven rol ik de fok weg en val af de havenkom in. Nog snel twee stootkussens vastgeknoopt en de motor in het water. Met die laatste stand-by leg ik toch op het zeil aan, aan de zw steiger, waar ik vlak voor de kant aan de grond loop. De vriendelijke havenmeester van WV Andijk pakt een lijn aan en zo kan ik de boot langs de zo steiger trekken. Want ook in het hoekje waar we meestal liggen, staat te weinig water. De haven is in rap tempo aan het verzanden, legt de havenmeester uit. SBB en RWS steggelen over wie er voor de baggerkosten moet opdraaien. En intussen gebeurt er niks.
De middag wordt verpoosd met lezen en vogeltjes kijken. Kwikstaarten en steenlopers op de steiger. Sterns (ook al wat zwarte), kokmeuwen, aalscholvers, grauwe- en Canadese ganzen, berg-, tafel-, kuif- en wilde eenden, wat zilverreigers, scholeksters, zilvermeeuwen én een zeehond in de lagune.

6a00d83455881b69e20134853f486f970c   13133103_1101282769915459_4742583587454204132_n

Workum – Stavoren…

Vanochtend bijtijds weg uit Workum. We moeten plaatsmaken voor de slaapschepen van de ‘elfstedenwandeltocht’ (die ik later om 10.45 pas zou tegenkomen tussen Hindeloopen en Stavoren). Op de motor het Soal uit en dan de lappen omhoog. Eerst maar ’s west uit. Uiteindelijk zeil ik (gezien de voorspellingen van een naar zuidoosten draaiende wind) door tot de vaargeul voor de ‘grote vaart’ en ga dan overstag richting Stavoren. Ondanks de zoekende wind (dan weer zuid, dan weer zw) lopen we toch zo’n 3 knoop. Voor Stavoren twijfel ik zelfs nog even of ik niet door zal zeilen naar de Kreupel. Ik doe het niet. Hou me aan het plan en strijk voor de haven fok en grootzeil. De oude haven is vrijwel leeg, doch de havenmeesteres verwijst me naar de andere kant van het dokje, daar er twee grote viskotters worden verwacht. De Staverse vissers zijn meest overgestapt op de garnalenvisserij op het Wad en dat brengt grotere kotters met zich mee, dan die voor de IJsselmeer-visserij.
Het wordt nog kortebroekenweer, zo in de luwte van de visafslag… ’s Avonds een hapje bij café Max en bij het groene havenlicht op gepaste wijze 2 minuten stilte gehouden.

13133253_1101868253190244_5221786631186922794_n   13133103_1101282769915459_4742583587454204132_n

logboek…

Donderdags, vertrekken we om ’n uur of half twaalf van de steiger. De brug bij Uitwellingerga draait vlot. En dat slaat dan op de bediening, want door schade aan de tandwielen gaat het openen (en sluiten) tergend langzaam. Achter de brug gaan de lappen omhoog en zo zeilen we tot vlak voor Heeg. In de Jeltesloot wordt het echter zó hoog aan de wind, dat het zelfs voor ons niet meer bezeild is. Dus helpt de motor nog even het laatste stukje tot aan het meer. Geeft ook mooi even de gelegenheid er een rifje in te trekken, wat een stuk rustiger vaart. Het waait intussen een volle 5 en vanaf de Morra moeten we waarschijnlijk motoren. Dus besluiten we bij het konijneneiland maar richting Workum te gaan. Dat stukje motoren is net zo lang als het stuk voor Stavoren straks. In Workum is het warm, zo in de luwte. We zijn vlot door stad en sluis en vinden ’n mooi beschut plekje in de kom. Dan loop ik Marchien naar het station en ga op de terugweg gelijk even langs de Poiesz. De puzzel uit de Trouw met ’n rood wijntje en daarna is het tijd voor biefstuk, gebakken aardappeltjes en sperzieboontjes. Na de koffie nog even ’n ommetje. Het brengt me op scheepswerf ‘de Hoop’. Het ruikt er heerlijk naar eikenhout en lijnolie. En er is zelfs een leerling van onze school aan het werk. Beter dan zo’n boerenschool, vinden we beiden
: )

13095819_1100807206629682_2310013406809267913_n   13092164_1100807166629686_6295087094382913982_n