Erik Klappe

“Believe me, my young friend, there is nothing – absolutely nothing – half so much worth doing as simply messing about in boats.” ― Kenneth Grahame, The Wind in the Willows

De eerste nachten van huis

De zomervakantie is voor iedereen begonnen, voor ons voelt dat dit jaar niet zo. Hoe komen we de vrije tijd zonder Erik, zonder papa, maar met de Zeekraai door. Noor mag mee zeilen in Kroatië, dus gaan Neel en Marchien de eerste overnachting aan boord, aan andere steiger dan thuis uitproberen. 400 mtr van huis in de Holle Greft leggen we keurig bij ons eerste Marrekrite plekje aan. Dat blijkt een verstandige beslissing want we zijn de helft vergeten.

De volgende morgen draaien we mooi kort om. Even naar huis de poes naar buiten laten, douchen, krantje uit de bus, echte koffie zetten. Uiteraard even alles van het lijstje aan boord brengen. En vervolgens de bocht rechts om PM kanaal op en voor het eerst door de brug, direct een brok in mijn keel en tranen in mijn ogen, gelukkig geeft Neel me de moed en de juiste woorden om door te gaan. We dachten naar het Heegermeer te kunnen zeilen, maar de wind laat het afweten, dus brommertje bij. Maar eenmaal daar, na een mooi zitkussen opgevist te hebben, kunnen we heerlijk spelevaren, sup board opblazen, beetje zwemmen, peddelen en de eerste zeilende foto’s. Richting Yntemasloot, net bij de ingang ineens een puist wind van de andere kant, alle bootjes op 1 oor, maar we hebben haar goed in de hand. Dan maar weer de motor bij. De ankerboei van vorig zomer is vrij, maar de tweede lijkt beter beschut. Die op het Grutte Gaastermar kunnen we niet vinden. De eerste poging is iets te krap, ik schrik, zie de diepte meter 0.90 aangeven, maar poging 2 liggen we goed. Hier durven we, als de wind na 8 uur gaat liggen, wel een nachtje door te brengen.

Blauwe olielamp in de achterstag en zwarte bolletje in de zijstag, klaar voor het donker. We testen nog even de boord verlichting, just in case, en die doen het niet allemaal. Eenpansgerecht; couscous met groentes, op het gaspitje, smaakt heerlijk. Om 02.00 de wekker, Erik zou zeker even ankerwacht instellen, om 01.00 ben ik al wakker en stel mezelf gerust dat alles nog oke is, voor de zekerheid ook nog even weer om 04.00 de wekker. Daar schrikken we van wakker, we durfden ons dus echt aan de rust over te geven.

 

Als de zon al lang en breed op is, volgt de eerste heerlijke ochtendduik. Na ons ontbijt is het plan Workum, daar is namelijk een station, Jeroen is meer dan welkom. De wind is wel tegen, dus weer even wat Aspen verstoken. Net voor de bocht zoekt Neel, op mijn verzoek, nog even de treintijden op ivm met de eerste spoorbrug, dat levert eigenlijk alleen maar stress op. Gas bij of juist extra rustig aan doen? Hij komt zo. Antwoord komt gelijk in zicht; we zien het licht van groen op rood springen. Een behoorlijke tijd lukt het om de Zeekraai op z’n plek te houden, maar als dan ’n ‘le Boat’ met veel fenders mij toch te dichtbij komt, kiezen we voor een extra rondje. We belanden mooi achteraan het rijtje bootjes. Bij groen stoomt iedereen snel op, een bijzonder zeil/droogval bootje geeft ons voorrang, maar Neel heeft aan 1 blik van mij genoeg en bedankt, ‘gaan jullie maar eerst’. Als laatste komen wij dan bij de Sudergoabrege aan, hij draait, maar eerst alleen voor de andere kant. We houden ons bootje even op de hand aan de wachtsteiger vast. Mooi weer achteraan passeren we brug 3 en direct na de bocht gaan we rechts voor de wal, kunnen we namelijk makkelijk weer weg varen. De fenders moeten hoog, Erik zou mopperen.. ‘echt aan gelegd voor grote boten’ 🙂

Jeroen is al in de trein gestapt, eerst een bakkie koffie, hebben we wel verdiend. Onderweg naar de boodschappen, moeten we vooral erg lachen om de enorm lelijke leeuwenfontein, geen wonder dat Henk ( van José ) de piemelfontein als alternatief bedacht. Met lichte duw van Jeroen op de kont en ferme push van Neel op de kop draaien we keurig ons rondje, brug draait direct en even weer dobberen voor de spoor, weer mooi oefenmomentje. Op ’t fokje Klifrak en Lange Fliet en Koarte fliet door en ‘ervaren’ op de motor naar onze ankerboei van vannacht. Sup opblazen, afkoelen, pannenkoeken! Jeroen wil nog wel graag even écht zeilen, dan maar even een rif zetten, want t waait toch aardig. Zij tweeēn zeilen halve wind op en neer de Grutte Gaastmar, ik zit genietend voorop.Tegen 19 u kruisend ’t Sanmar over en weer t slootje in naar Workum, motortje aan, fokje weg…. stopt ineens (toch) weer de nieuwe Yamaha. Neel doet nog een startpoging, ik neem snel het roer over van Jeroen. Overleg. Hier kunnen we nog omkeren en zeilen, overstag, grootzeil weg, fok weer uit, op naar onze eigen ankerboei. ‘Niet missen hóór, moet in 1x raak’ en dat lukt ook, gelukkig. Blijkt gewoon het rode dodemanskoordje los en we zijn snel weer op pad. Spoorbrug en Sudergoabrege lijkt al bijna vertrouwd en we leggen iets verder naar voren aan. Picknick in het gras naast onze eigen kuip. Wat een geslaagde dag. Jeroen haalt met gemak de 21.30 trein. Neel en ik lopen nog even naar het sluisje aan de IJsselmeer kant. Helaas nergens meer een Irish of Dokkumer koffie meer om 22.30, dan maar te kooi. Morgen om 08.45 staat Sietske klaar als nieuwe bemanning.

Op de motor bij d’r paps, stoer man. Wij moeten nog ontbijten, koffie, zelfde afvaart manoeuvre, gaat steeds vertrouwder, brug, spoortbrug, even langs zij een ander bootje, hoppa, been there, done that. Zeer weinig wind, fokje blijft amper vol, dus brommertje blijft bij en pas op het Heegermeer kan die uit. Sup is zo weer opgeblazen en heerlijk spelevarend toch de juiste kant op. Leuk om zo met Sietske weer bij te praten. Johan Friso kanaal (Jeltesleat? Waarom heeft dit water 2 namen?) gaat mooi man. Stuurvrouw Siets haalt gewoon in. Net voor we het PM weer opdraaien, nog snel even afkoel en plas actie met de toch niet zo handige nieuwe zwemtrap. Op het kanaal laat de wind het echt afweten en de laatste mijltjes dan toch maar weer even een beetje vals spelen. Sietske moet op tijd naar huis ivm haar werk en Noor is terug uit Kroatië. Dit keer gaat de brug naar huis zonder tranen of brok in mijn keel, ben best wel een beetje trots. Als we de Keizersgracht indraaien staat onze jongste dochter superbruin te stralen op de steiger, likkend aan een ijsje. Dat willen wij ook! Nog even koppie erbij, er zwemmen kinderen, achterin draaien en dan ligt ze weer veilig aan eigen steiger. Haar eerste reis zonder Erik, zonder kleerscheuren weer thuis, wat zou hij trots op ons geweest zijn.