Zeekraai

“Believe me, my young friend, there is nothing – absolutely nothing – half so much worth doing as simply messing about in boats.” ― Kenneth Grahame, The Wind in the Willows

Stavoren – Twellegea

Donderdag varen we terug naar huis. Motoren tot aan de Kuilart en kruisen over de Fluesen en het Heegermeer weer Noordwaarts. Fijn, zo weer met z’n tweeën. Voorbij Heeg is de wind tegen, dus motor sailen tot aan het PM Kanaal. Tegen vieren liggen we thuis weer voor de steiger.

Enkhuizen – Stavoren

Na ontbijt met verse broodjes onderweg. Buiten de havendammen staat ’n venijnig kort zeetje (lagerwal). Karin vindt ’t maar niks, maar we zullen er toch even doorheen moeten. Na een uurtje ruimt de wind dan toch iets, van NO naar O en kunnen we steeds ruimer varen. Dat maakt ’t allemaal wat aangenamer, ook voor Karin. We zijn al rap aan de overkant en voorbij het Vrouwenzand moeten we nog even aan de wind, die ook weer aantrekt, naar de haven. Voor het gemaal in de binnenhaven strijken we de zeilen en hangen lijnen & willen klaar. Door de sluis gaat prima en direct bb uit is er nog plek voor achter de boomwal.
Naast ons ligt een oude kwieke baas (80+) met ’n mooi klassiek scheepje. Hij heeft mooie praat én ’n halve krop sla voor me.
Als ik Karin naar het stationnetje breng ga ik terug langs de COOP voor vlees en aardappeltjes. Na even zwemmen aan ’t strandje is het dus uitgebreid koken en eten in de kuip met rode wijn en koffie toe. Alle puzzels uit de kranten van afgelopen dagen moeten nog worden gemaakt en tegen half tien wandel ik met een omweg wederom naar het station om Marchien af te halen. Nog ’n borrel in de kuip en even bijpraten…

20160817_161735-1   20160817_212621-1

Blocq van Kuffeler – Enkhuizen

Rond half tien de haven uit, na ontbijt en zwempartij. En het is gelijk alweer hoog aan de wind. De wind is harder en Noordelijker als voorspeld. Wéér hakken over dat IJsselmeer… ik wil ook wel ’s in m’n t-shirtje voor de wind :-/De stuurautomaat doet het gelukkig wel weer zonder morren. Wel zo handig met navigeren (verrekijkers), koffie en plassen. Én met ’n ander akkefietje. Op een gegeven moment zie ik van binnen, dat het borgringetje van het bakboordswant er bijna uitvalt. Het is gebroken. De borgpen is al verschoven ! Snel aangelijnd en met een tang geklaard, met één voet in het gangboord door het water, want zo schuin gaan we wel. Ducktape erom voor de zekerheid én een elastiek tegen het constante rammelen in deze knobbelige zee. Pfft… het zal je gebeuren.

Intussen wordt het steeds hoger aan de wind. Hoezo NO 3 ? NNO 4 à 5 komt meer in de richting… Gelukkig neemt de wind onder de dijk (Enkhuizen-Lelystad) wat af. Ik kan nog net aansturen op de aanloopton van Broekerhaven. In de luwte van de dam van de Houtribsluis de boel strijken en lijnen en fenders klaarhangen. Op naar de volgende uitdaging: de sluis in m’n uppie. Die gaat vlak voor m’n neus op rood, zodat ik twee aanlegmanoeuvres heb. Kan ik gelijk mijn net bedachte trucje proberen, met een lijn door de wandputting terug naar de lier. De truc werkt niet. Mooi… beter dat ik daar nu achter kom, dan straks in de sluis. De klassieke manier met voor en achterlijn gaat prima. Mijn zus zwaait naar me vanaf de dijk. We spreken af bij de Compagniehaven. Daar leg ik redelijk op m’n gemak aan tegenover de box van zaterdag. Het blijkt oké, ik mag hier blijven liggen. ’n Biertje met Karin en dan de boot opruimen en het dorp in. Bij de watersportwinkel koop ik nieuwe borgringen. Een stuk dikkere dit maal. Eten doen we bij ’t Ankertje en Enkhuizen is nog net zo leuk als drie dagen terug 😉

Hoorn – Almere

Rond 10 uur sluip ik alleen de haven van Hoorn uit. Buiten gaan de lappen omhoog en dan is het badderen. Met moeite loop ik één knoop. Soms twee. De korte broek kan aan. Koffie, lezen, navigeren en waterplanten houden me bezig. Dan draait de wind wat en kan ik nergens meer in de zon zitten. Het schiet niet erg op en net als ik besluit dan maar Edam aan te lopen neemt de wind wat toe en ruimt. Ik zet zelfs de halfwinder nog even, zodat we nog even 5.5/6 knoop doen. Bij de aanloopton BvK strijk ik ‘m weer, dit keer in de wind. Toch blijft het ’n gehannes in je eentje. Twee lijnen opvoeren zonder deze in de knoop te laten komen met de lifeline én het doek droog binnenhalen… Enfin, het lukt en da’s maar goed ook, want inmiddels lopen we zónder ook al 5½ à 6 knoop. Vlak voor de kust/haven loopt de vaargeul Lelystad – Amsterdam en ik start maar vast de motor, om een aak voor te blijven. Een duwbak blijft echter steeds op me aansturen. Hij blijkt ook de haven in te moeten. Uiteindelijk draai ik net voor ‘m de haven in. Direct bakboord uit, in de wind om (zeer slordig) te strijken. Er staat nog ’n beste zwel in de ‘buitenhaven’. Uitgerekend met het klaarhangen van willen en touwwerk krijgt de stuurautomaat kuren. Dan maar weer het vertrouwde lijntje..
In de haven van ‘de Blocq van Kuffeler’ krijg ik van de vriendelijke havenmeesteres een mooi plekje in een hoekje. De zwaluwen huizen hier ónder de steigers. Én… er kan gezwommen worden. Na de (boord)maaltijd fiets ik met een rijwiel van de WSV een rondje rond de Lepelaarplassen. Ik zie veel eenden (zowat alle bekende soorten), zilverreigers en aalscholvers, maar geen lepelaars. Maar wél een zeearend ! Traag en groots vliegt ‘ie voor me langs, over het fietspad.

luchtfoto-lepelaarplassen-web   1-IMG_3634

Enkhuizen – Hoorn

’s Nachts zitten we twee keer bij de livestream op de tablet naar de 100 m van Dafne Schippers te kijken. Eerst de series (of halve finale ?) waarin ze tweede wordt. En om half vier de finale, waarin ze een mooie vijfde plek behaald.
Om een uur of elf (na uitgebreid ontbijt met verse broodjes en ochtendkrant) gaan we richting Naviduct. We kunnen vrijwel direct door en gaan op Hoorn aan. In het begin is er weinig wind en zetten we de halfwinder. Later trekt de wind wat aan (vooral in buien) en is het zelfs nog even worstelen om ‘m weg te krijgen. Het is een mooi tochtje, zo vlak onder de kust bij Wijdenes door en om half drie zijn we al in de Vluchthaven van WSV Hoorn… Later die middag eten we salade in de kuip en slenteren door het stadje. Er is kermis en het lijkt allemaal wat slonzig, vergeleken met Enkhuizen. We drinken ’n kop koffie bij Elly en dan gaat Marchien met haar moeder onze oudste dochter van Schiphol halen.
Met sigaar en borrel kan ik nog lang genieten van het gegil van de kermis.

20160815_100617-1   20160814_193319-1

Starum – Enkhuizen

Na bezoek aan COOP en toiletgebouw gaan we ’s ochtends direct maar door de sluis, waar het nu nog redelijk rustig is. Maar de daarvoor uitgestelde ontbijt en koffie wordt nog ’n hele heisa. Er staat een pittige wind buiten en voor Stavoren staat zoals altijd een naar zeetje… en natuurlijk is het aan de wind. Het brengt ons wel rap voor Enkhuizen. In krap twee uur tijd zijn we in de Compagniehaven. Tijd voor vakantie-dingen: kibbeling eten, slenteren en borrelen bij het Ankertje. Ook lopen we de hele vesting rond. ’s Avonds eten we een hapje met Berry en worden door wat regen alsnog van het terras gejaagd. Enkhuizen blijft toch een leuk plaatsje, met al die scheepjes en gezelligheid.

Twellegea – Starum

Na dagen regen is het vrijdag, op wat miezer na, veelal droog. We varen van huis naar Stavoren. Het kanaal bezeild, de Jeltesloot niet, maar de Nauwe Wimmerts naar Woudsend dan weer wel. We gaan tot ergernis van de brugwachter twee keer door de brug, op zoek naar ’n ligplaatsje. Er blijkt een nieuw haventje, al is het niet zo diep. We maken ’n slag door het dorp, lunchen en zetten een rifje. Dan gaat het, hoog aan de wind, het Heegermeer en de Fluessen over. ’n Paar keer moeten we een slagje maken en bij de Kuilart gaat de brommer aan. De Morra is nog motorsailen, maar daarna is het over en motoren we verder naar Stavoren. Niks geen rust hier (we gingen expres niet via Lemmer, omdat het daar feest was) want alle IFKS skûtsjes zijn hier voor de wedstrijden van morgen. We schuiven de eerste beste lege box in en Marchien krijgt gelijk ’n papje van haar collega, die precies aan de overkant ligt. Dus borrelen we eerst aan boord van de Breewijd 31 van Peter en Josina. Hun zoon zet ons over met de rubberboot.
’s Avonds eten we bij café Max.

14067566_1169208569789545_8531597903305390169_n   13620174_1169208619789540_3270116747472307686_n

Twellegea…

’s Morgens eerst ’n douche onder 3 druppels water :-/ het is duidelijk al te druk, voor de Hindelooper waterdruk. Om een uur of half elf haal ik Marchien van het kleine station. Onderweg gaan de roeiskifs van de elfstedenroeitocht onder de brug door. Terug aan boord, is er ook weer ruimte om (op de fok) de haven te verlaten. Met de oostzuidoosten wind gaan we eerst weer op Stavoren aan. Met ’n beetje geluk, zijn de Fluesen en Heegermeer bezeild. Bij Workum naar binnen gaan zou betekenen, dat we het hele stuk tot aan het Heegermeer zouden moeten motoren. Het is prachtig zeilweer en we zijn al rap bij de sluis. In de voorhaven strijken we de zeilen en kunnen gelijk door in de nieuwe sluis. Daarna is het inderdaad bezeild tot aan de brug van Uitwellingerga, al is het af en toe even knijpen. Het is best druk, bijvoorbeeld bij de (smalle) passage bij Galamadammen. Maar het is ook wel weer gezellig varen, met z’n tweetjes aan boord. Voor de brug bij Uitwellingerga is het 20 minuten wachten. Nu de brug panne heeft (zie eerder) draait ‘ie nog slechts twee keer per uur. Op de fok doen we het laatste stukje naar huis…

20160506_212631

Hylpen…

Een onrustige nacht. De tjalk die voor mij als golfbreker fungeerde, verlaat als het gaat schemeren de haven. Dus slaap ik slecht, in de weer met lijnen, luisterend naar geklots en geruk in de touwen. Wat ik me voor de volgende keer ‘de Kreupel’ toch weer voorneem, is lekker voor (hek)anker te gaan. Wie doet je wat ? Ligt ’n stuk rustiger…
Wanneer ik nl. na het ontbijt op m’n gemak de zeilen hijs en de boot klaarmaak voor vertrek, slechts aan één boeglijn, liggen we best wel rustig.
Op het grootzeil verlaat ik de haven. En tussen de pieren gaat de fok erbij. Het is net wat ruimer dan aan de wind. We lopen zo’n 5 knopen en ik probeer de autohelm. Dat had ik nog niet eerder gedaan, omdat ik wat onzeker was over het stroomverbruik. Na wat gedruk op knopjes houdt ‘ie ons prima op koers. Koffie !
Hoe dichter ik bij Stavoren kom, hoe meer ik de boot laat vallen. De hoogte was voor het geval de wind, zoals voorspeld, naar het oosten zou draaien. Iets dat ‘ie wat later ook doet. De autohelm zorgt ervoor, dat er gewoon genavigeerd kan worden. ’n Plas kan worden gedaan. En dat ik op m’n gemak fenders en lijnen klaar kan leggen voor de haven van Hindeloopen. Waar we al vrij rap zijn. Ik vaar een rondje door de haven. Als de dames van een Fischer (motorzeiler, red.) het eerste dokje aan de haveningang verlaten én het bordje ook nog ’s groen is, kan ik m’n geluk niet op. Ik schuif de Zeekraai rap op de beste plek van de haven. De havenmeester gooit echter roet in het eten. Hij was nét onderweg het bordje op rood te draaien. Maar de, overigens meer dan vriendelijke, man heeft nog wel ’n mooi plekkie voor me. En zo lig ik even later in het uiterste hoekje van de Oude Haven. Later op de dag volledig ingebouwd, maar met niemand langszij. Wanneer ik helemaal ingepakt ben, is het tijd om te passagieren. Het brengt me o.a. in het rariteitenkabinet van de Hindelooper Markt, een boerderij vol tweedehands spul en curiosa. Terug bij de boot vervang ik de dek-lijn door een dek-lint, dat hier bij de werf in de aanbieding is. En ledig 1½ fles witte wijn met de achterburen, met wie het leuk praten is.

13124778_1102423029801433_5063653593394927810_n   13177795_1102423066468096_4056570426919414800_n

de Kreupel…

Wanneer ik de volgende ochtend terugloop van het douchegebouwtje staat op de kade bij de Oude Haven, een jongetje van ’n jaar of acht met koffie met stroopwafels. Hij spaart voor ’n nieuwe skelter… Handig. Om ’n uur of half tien ga ik op de zeilen de haven uit. Buiten de pieren is het toch weer wilder dan je in de haven kunt inschatten. Dus onder stevige helling zeilbroek, jas en zwemvest aan gewurmd. Er staat ’n korte golfslag die maakt dat er eigenlijk enkel met de hand gestuurd kan worden. Maar af en toe moet het touwtje het toch echt even overnemen, wanneer er genavigeerd moet worden. En het is toch weer (hoger) aan de wind (dan gedacht). In eerste instantie volg ik de buren van vannacht, die met hun Waarschip 1020 naar Edam zouden. Maar na ’n tijdje heb ik door dat ze west van de Kreupel aansturen. Dus verlies ik zo wat hoogte. Toch blijft ’t eiland bezeild, maar… wat zie je die verrekte vogelplaat toch altijd laat. Kunnen ze er niet ’n (vuur)torentje op zetten ? Als de contouren en de vogeluitkijk te zien zijn, zie je eigenlijk ook alle boeien (geel) en kardinalen aan de zuidoostkant al. Vlak voor de haven rol ik de fok weg en val af de havenkom in. Nog snel twee stootkussens vastgeknoopt en de motor in het water. Met die laatste stand-by leg ik toch op het zeil aan, aan de zw steiger, waar ik vlak voor de kant aan de grond loop. De vriendelijke havenmeester van WV Andijk pakt een lijn aan en zo kan ik de boot langs de zo steiger trekken. Want ook in het hoekje waar we meestal liggen, staat te weinig water. De haven is in rap tempo aan het verzanden, legt de havenmeester uit. SBB en RWS steggelen over wie er voor de baggerkosten moet opdraaien. En intussen gebeurt er niks.
De middag wordt verpoosd met lezen en vogeltjes kijken. Kwikstaarten en steenlopers op de steiger. Sterns (ook al wat zwarte), kokmeuwen, aalscholvers, grauwe- en Canadese ganzen, berg-, tafel-, kuif- en wilde eenden, wat zilverreigers, scholeksters, zilvermeeuwen én een zeehond in de lagune.

6a00d83455881b69e20134853f486f970c   13133103_1101282769915459_4742583587454204132_n