Erik Klappe

“Believe me, my young friend, there is nothing – absolutely nothing – half so much worth doing as simply messing about in boats.” ― Kenneth Grahame, The Wind in the Willows

Ze vaart, zonder haar Kapitein…

Als een schip zinkt, blijft de Kapitein aan boord tot al zijn bemanning veilig is, om meestal zelf met het schip ten onder te gaan. Maar wat als de Kapitein ten onder gaat. Dan zinkt het schip niet maar biedt het een veilige thuishaven voor zijn bemanning. Onze Kapitein, Erik Klappe, liet ons geen zinkende schip achter maar een schip wat keurig op z’n trailer stond op onze oprit. Ja en dan? Wij als bemanning kunnen wel zeilen, maar het is niet ons schip. Wij zijn geen van allen Kapitein. Met hulp van vele schippers van andere schepen ligt de Zeekraai nu weer waar ze hoort. Aan de steiger, in onze achtertuin. Haar veilige thuishaven, waar ze vanuit zal vertrekken; dit seizoen naar de Friese meren en later een keer naar Haparanda. Waar haar Kapitein haar altijd al mee naartoe wou nemen. Ze zal varen met haar bemanning. Maar de Kapitein zal ook altijd aanwezig zijn, misschien een beetje mopperend op een niet zo’n nette aanleg van ons. Misschien glimlachend om een mooie manoeuvre. Maar zeker stralend, dat zijn schip nog vaart. Ook zonder Kapitein.

De Zeekraai heeft ondertussen al een paar mooie zeiltochten achter de rug. Langzamerhand beginnen we zekerder te worden met haar, toch blijft het moeilijk. Het gemis van Erik is groot, vele dingen die we nu zelf uit moeten vinden. De eerste keer, alleen met ons drietjes, was raar en onwennig. Maar ging goed! Daarna al een paar keer vrienden mee genomen, waarvan ook niet zeilers, en ook dat ging goed. Ze ligt er heel mooi bij en het is niet alleen voor ons maar voor iedereen een veilige thuishaven. Toch klopt het niet. Geen Erik in z’n driekwart broek met zijn pet achter het roer. Maar het is ook fijn, de hele wereld gaat door en op de Zeekraai staat de tijd weer even stil. Tijd om na te denken, tijd om te leren en tijd om te huilen. Tijd om te bedenken hoe we verder moeten, wat onze nieuwe koers wordt, nadat we plotseling overstag moesten.

Ik, Noor Klappe, zal blijven schrijven over onze avonturen met de Zeekraai. Niet zo mooi en niet in dezelfde stijl als die van mijn vader, toch hoop ik dat jullie zijn site zullen blijven bezoeken om te zien hoe het met zijn Zeekraai gaat.

 

Van Terherne naar huis…

We hebben weer verplichtingen thuis en dus varen we vandaag weer naar huis. Door het Heerenzijl en over de Poelen. We besluiten de poes op te halen bij oma. Maar als we haar bellen dat we eraan komen, verteld ze dat het een gekkenhuis is bij haar voor de deur. Het ligt er al hutje mutje vanwege de aankomende Sneekweek. We gaan op huis aan. De poes halen we later wel…

Akkrum – Koude Maag

’s Morgens na de boodschappen en de verse broodjes gaan we door de Meinesleat en it Deel richting Heerenveen. Halve wind is het mooi bezeild heen en terug. Want eigenlijk hebben we er niks te zoeken. Na de lunch in  het haventje van Vegelingsoord gaan we dan ook weer terug en leggen vlak voor ’n flinke bui aan in het Akkrummer Rak. We eten wat en zoeken als het is opgeklaard een plekje voor de nacht aan de Koude Maag. Er volgt een schitterende avond en we zien zelfs reetjes langs de bosrand.

            

BewarenBewaren

Alde Feanen – Akkrum

Zondag ontbijten we met Vroege Vogels en ’n versgemalen bakje uit ons nieuwe koffiemolentje. Daarna maken we een slag over de Saiterpetten. Dan gaan we op de fok weer door de Sietse Maaikesloot. Wederom een genot, dit slootje. En wat ’n fijne huisjes staan er hier toch aan het water… Fokkesloot, Krûsdobbe, Grietmansrak en Kromme Ee brengen ons op de Modderige Bol, waar we vastmaken voor een late lunch en ’n knipje. In de namiddag neemt de wind wat af en vervolgen we onze weg naar Akkrum. Nog even wachten op de trein en dan maken we vast in het kleine haventje in het centrum. Er is nog net één plekje. We eten bij de pizzeria en maken nog een ommetje door het dorp. Ondermeer door het park van de Coopersburg.

      

BewarenBewaren

Alde Feanen II…

De volgende morgen zeilen we over de Sânemar, door de Alde Wei en de Skeanesleat. Het is nog steeds winderig, maar het weer is redelijk. Nu vinden we de Dolte, vlak bij huis, een van de fraaiste vaartjes van Friesland… maar de Skeanesleat (of is het nu Sietse Maaikesleat ?) lijkt nog wel mooier. Weliswaar geen windmolentjes langs de kant… maar overhangende bomen, geheimzinnige rietkragen en zelfs een roerdomp (of was het ’n ralreiger ?) die voor ons langs vliegt. Het brengt ons op de Holstmar, waar we aan de hogerwal een steigertje vinden. Het is een daalders plekje. We lezen, verpozen, zwemmen, fotograferen en wandelen. Kortom, vieren vakantie. Tijdens het koken moet het tentje weer over de giek, want het sputteren gaat over in een heuse bui…

    

BewarenBewaren

BewarenBewaren

De Âlde Feanen…

De volgende morgen waait het hard. Op enkel de fok, verlaten we het kleine haventje. En eenmaal buiten, op de Ee laten we het maar zo. Het gaat ons rap zat. Door de Grêft en de Folkertssleat zijn we binnen no time op de Sânemar. Door de Lange Sleat willen we naar de Saiter, om daar een plekje voor de nacht te zoeken. Maar de Neare Saiter blijkt gestremd en we keren weerom naar Eernewoude. We doen boodschappen (aan de boodschappensteiger) en verhalen daarna naar het dorpshaventje. Ondanks de harde wind doet het zonnetje wel z’n best en we liggen hier prima. We passagieren, halen een nieuw gastankje en ’s avonds is er een dorpen volleybal toernooi op het veldje naast de haven. Gezelligheid alom.

      

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Zomer ?

Natuurlijk zijn er in het voorjaar vele rondjes gevaren. Over de Poelen, de Meer en de Wielen. Maar eind juli is er dan eindelijk tijd om weer ’s wat verder van huis te gaan. Donderdag 27 juli zeilen we noordwaarts over het PM kanaal. Echt zomerweer is het nog niet. Door de sluis bij Terherne, langs de Oude Schou en de spoorbrug bij Grou, kunnen we rechtsaf het Pikmeer op. Er staat een beste bries. Tussen de bootjes van Zeilschool de Pean door, zeilen we op de fok de Janssleat in. We leggen aan bij Camping de Polle, waar we vroeger met de tent stonden, toen we nog op Terschelling woonden. Nostalgie, zeg maar. Met ‘tante Wieke’ doen we een rondje over het terrein. Sjoerd is inmiddels gestopt met de boerderij en de camping is nog hun enige bron van inkomsten. Op wat extra toiletten en een gemeenschapsruimte na, is er niet veel veranderd. ’s Avonds maken we nog een rondje met een kano van de camping. Net voor de regen zijn we weer bij de camping. We trekken snel het tentje over de kuip voor de nacht. Wel gezellig slapen met dat getik op ’t dak…

    

BewarenBewaren

BewarenBewaren

de Dolte…

Afgelopen winter is er flink gebaggerd. Met als resultaat dat we vanaf nu ook door de Dolte en het Joustervaartje kunnen. Fijn. Want de Dolte is een van de mooiste vaartjes van Friesland. En omdat het nu lijkt alsof we oneindig meer mogelijkheden hebben om een rondje te maken…

   

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewarenBewarenBewaren

Stavoren – Twellegea

Donderdag varen we terug naar huis. We motoren tot aan de Kuilart en kruisen dan over de Fluesen en het Heegermeer weer Noordwaarts. Fijn, zo weer met z’n tweeën. Voorbij Heeg is de wind tegen, dus motor sailen we tot aan het PM Kanaal. Dan is het weer bezeild. Tegen vieren liggen we thuis weer voor de steiger.

Enkhuizen – Stavoren

Na ontbijt met verse broodjes onderweg. Buiten de havendammen staat ’n venijnig kort zeetje (lagerwal). Karin vindt ’t maar niks, maar we zullen er toch even doorheen moeten. Na een uurtje ruimt de wind dan toch iets, van NO naar O en kunnen we steeds ruimer varen. Dat maakt ’t allemaal wat aangenamer, ook voor Karin. We zijn al rap aan de overkant en voorbij het Vrouwenzand moeten we nog even aan de wind, die ook weer aantrekt, naar de haven. Voor het gemaal in de binnenhaven strijken we de zeilen en hangen lijnen & willen klaar. Door de sluis gaat prima en direct bb uit is er nog plek voor achter de boomwal.
Naast ons ligt een oude kwieke baas (80+) met ’n mooi klassiek scheepje. Hij heeft mooie praat én ’n halve krop sla voor me.
Als ik Karin naar het stationnetje breng ga ik terug langs de COOP voor vlees en aardappeltjes. Na even zwemmen aan ’t strandje is het dus uitgebreid koken en eten in de kuip met rode wijn en koffie toe. Alle puzzels uit de kranten van afgelopen dagen moeten nog worden gemaakt en tegen half tien wandel ik met een omweg wederom naar het station om Marchien af te halen. Nog ’n borrel in de kuip en even bijpraten…

20160817_161735-1   20160817_212621-1